StrafrechtStraffen & straftoemetingBurgerlijk rechtHuur

Verhuur van krotwoningen: opschorting met herstelbevel onder dwangsom

Twee erfgenamen die het beheer over ongeschikte huurpanden van hun zorgbehoevende ouders overnamen, krijgen opschorting van straf maar moeten de panden wel renoveren of slopen op straffe van een dwangsom van 50 euro per dag.

landscape photography of building

Foto: Help Stay (opent in nieuw tabblad) op Unsplash (opent in nieuw tabblad)

Korte samenvatting

De rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen heeft twee verhuurders schuldig bevonden aan het gewoontevormig verhuren van niet-conforme, ongeschikte en onbewoonbare woningen onder de Vlaamse Codex Wonen. Hoewel de beklaagden aanvoerden dat hun inmiddels overleden ouders het beheer voerden, toonden getuigenissen van huurders en familieleden aan dat zij de verhuur hadden overgenomen toen de ouders naar een rusthuis trokken. De rechtbank verleende beiden de gunst van de opschorting voor een proeftijd van drie jaar. Wel moeten zij de panden binnen achttien maanden slopen of conform renoveren, op straffe van een dwangsom van 50 euro per dag.

Bron: Rb. Oost-Vl. 31 juli 2026, nr. anonymised. (opent in nieuw tabblad)

Wanneer ouders naar een rusthuis vertrekken en kinderen het beheer over verhuurde panden overnemen, rust de kwaliteitsbewaking meteen op hun schouders. De rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen boog zich over twee verhuurders die kamers en appartementen met zware gebreken bleven verhuren in Aalst.

De zaak draaide om verschillende panden in Aalst die waren opgedeeld in afzonderlijke woonentiteiten en kamers. Technische controles door de Vlaamse wooninspectie brachten zware gebreken aan het licht op het vlak van veiligheid, gezondheid en basiskwaliteit. De burgemeester van Aalst verklaarde meerdere wooneenheden dan ook ongeschikt en onbewoonbaar.

Voor de correctionele rechtbank voerden de twee beklaagden aan dat zij niet op de hoogte waren van de toestand van de panden. Volgens hen lag het beheer uitsluitend bij hun ouders tot aan diens overlijden. Zij vroegen dan ook de vrijspraak voor de ten laste gelegde inbreuken op de Vlaamse Codex Wonen.

Overname van beheer

De rechtbank verwierp dat verweer op basis van getuigenverklaringen en berichtenverkeer. Een zus verklaarde dat de beklaagden het beheer, de contracten en de inning van de huurgelden hadden overgenomen toen hun ouders in augustus 2021 naar een rusthuis verhuisden. Meerdere huurders bevestigden dat zij na klachten contact hadden met de kinderen en dat een van hen zelfs foto's kwam nemen.

Omdat het om een aanzienlijk aantal verhuurde entiteiten ging over een langere periode, achtte de rechtbank de verzwarende omstandigheid van gewoonte bewezen. Wel kregen beide beklaagden de gunst van de opschorting van de veroordeling voor een proeftijd van drie jaar, gelet op hun gunstige strafrechtelijke verleden.

De rechtbank kende daarnaast schadevergoedingen toe aan de huurders die zich burgerlijke partij hadden gesteld, onder meer wegens gederfd woongenot.

Wie het feitelijke beheer of de verhuur van woningen overneemt, draagt de volle strafrechtelijke verantwoordelijkheid voor de woonkwaliteit. Naast strafrechtelijke gevolgen riskeren eigenaars dwingende herstel- of sloopbevelen met dwangsommen en ambtshalve uitvoering op eigen kosten.

Dit artikel is gegenereerd met behulp van kunstmatige intelligentie, op basis van het originele brondocument: Rb. Oost-Vl. 31 juli 2026, nr. anonymised. (opent in nieuw tabblad) Lees meer over hoe we bij Ex Ante werken met kunstmatige intelligentie.