Sociale integratie vereist volwaardige belangenafweging bij regularisatie, oordeelt RvV
De Dienst Vreemdelingenzaken wees de regularisatieaanvraag van een Iraakse jeugdanimator af omdat hij geen gezin heeft in België. De RvV oordeelt dat ook zijn bredere sociale inbedding volwaardig gewogen had moeten worden.
Foto: Yanhao Fang (opent in nieuw tabblad) op Unsplash (opent in nieuw tabblad)
Korte samenvatting
De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen vernietigt een beslissing van de Dienst Vreemdelingenzaken die een humanitaire verblijfsaanvraag van een Iraakse man onontvankelijk verklaarde. De aanvrager had gewezen op zijn vergevorderde maatschappelijke integratie, Nederlandse taalkennis en intensief engagement als jeugdanimator. De overheid toetste artikel 8 EVRM enkel aan het ontbreken van een gezin in België. Volgens de Raad omvat het beschermde privéleven ook sociale en professionele relaties, waardoor de afwezigheid van een kenbare belangenafweging leidt tot een motiveringsgebrek.
Bron: RvV 30 juni 2026, nr. 349.550. (opent in nieuw tabblad)
Wie een humanitair verblijf aanvraagt, kan zich niet enkel beroepen op een partner of kinderen, maar ook op opgebouwde maatschappelijke banden. De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen vernietigde de weigering van een Iraakse man die jarenlang actief was als animator en vrijwilliger, omdat de overheid zijn privéleven volkomen negeerde in de belangenafweging.
De man verbleef al enkele jaren in België en had na afgewezen asielverzoeken een humanitaire regularisatieaanvraag ingediend op grond van artikel 9bis van de Vreemdelingenwet. Daarbij wees hij op zijn verregaande inburgering: hij behaalde taalniveau 2.4 Nederlands, werkte in verschillende sectoren, bouwde een vriendenkring op en zette zich intensief in als vrijwilliger en hoofdanimator in het jeugdwerk en de culturele sector.
De gemachtigde van de bevoegde minister verklaarde de regularisatieaanvraag onontvankelijk. Volgens de overheid toonde de man geen uitzonderlijke omstandigheden aan die een tijdelijke terugkeer naar Irak beletten om daar een reguliere visumaanvraag in te dienen. Bij de beoordeling van artikel 8 EVRM benadrukte de administratie louter dat de man in België geen echtgenote of kinderen had.
Brede invulling van privéleven
De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) fluit de overheid terug. Het recht op eerbiediging van het privé- en gezinsleven beperkt zich immers niet tot traditionele gezinsbanden, maar omvat ook het geheel aan persoonlijke, sociale en professionele relaties die iemand in het gastland heeft uitgebouwd.
Hoewel de administratie de feitelijke elementen van zijn inbedding wel opsomde in de beslissing, verzuimde zij om die banden daadwerkelijk af te wegen tegen het algemeen belang van migratiecontrole. Doordat die evenredigheidstoets ontbreekt en men zich louter verschool achter de afwezigheid van een gezin, schiet de motivering fundamenteel tekort.
De uitspraak herinnert de Dienst Vreemdelingenzaken eraan dat een regularisatiedossier niet kan worden afgedaan met een standaardmotivering wanneer een vreemdeling concrete sociale en maatschappelijke worteling aanvoert. Zodra het privéleven in de zin van artikel 8 EVRM wordt ingeroepen, moet het bestuur die elementen expliciet en evenredig afwegen tegen het openbaar belang.
Dit artikel is gegenereerd met behulp van kunstmatige intelligentie, op basis van het originele brondocument: RvV 30 juni 2026, nr. 349.550. (opent in nieuw tabblad) Lees meer over hoe we bij Ex Ante werken met kunstmatige intelligentie.