Omwonenden moeten vernietigingsberoep onderbouwen met concrete rechtsmiddelen
Twee Mechelse buren vochten de aktename aan van een bronbemaling voor 7.500 kubieke meter grondwater nabij de Sint-Romboutskathedraal. De Raad voor Vergunningsbetwistingen verklaart hun beroep onontvankelijk omdat concrete juridische grieven ontbreken.
Foto: Rose Galloway Green (opent in nieuw tabblad) op Unsplash (opent in nieuw tabblad)
Korte samenvatting
De Raad voor Vergunningsbetwistingen (RvVb) heeft het vernietigingsberoep van twee omwonenden tegen de aktename van een bronbemaling in Mechelen onontvankelijk verklaard. De buren vreesden stabiliteitsproblemen door het oppompen van 7.500 kubieke meter grondwater en wezen op plannen voor een volgens hen onvergunde kelder. Volgens de Raad formuleerden de verzoekers louter opportuniteitskritiek en verzuimden zij aan te duiden welke rechtsregels precies geschonden zouden zijn. Mogelijke schade betreft bovendien een burgerlijke aangelegenheid en handhavingskwesties vallen buiten het wettigheidstoezicht op een meldingsakte.
Bron: RvVb 1 oktober 2026, nr. RvVb-2627-0092. (opent in nieuw tabblad)
Wanneer omwonenden naar de Raad voor Vergunningsbetwistingen stappen, volstaat het niet om louter bezorgdheden over mogelijke schade of het nut van de werken te uiten. Twee Mechelse buren zagen hun beroep tegen de aktename van een bronbemaling voor 7.500 kubieke meter grondwater onontvankelijk verklaard worden.
In oktober 2025 meldde een projectontwikkelaar bij de stad Mechelen de exploitatie van een bronbemaling van 7.500 kubieke meter op percelen aan de Wollemarkt en de Schoolstraat. Het schepencollege nam op 4 november 2025 akte van die melding, gekoppeld aan algemene, sectorale en bijzondere milieuvoorwaarden. Twee aanpalende bewoners stapten vervolgens naar de Raad voor Vergunningsbetwistingen (RvVb) om die beslissing te laten vernietigen.
De omwonenden voerden aan dat de bemaling diende voor een onderkeldering die stedenbouwkundig niet vergund was. Daarnaast wezen ze op het risico op verzakkingen en barsten in het historische stadscentrum vlak bij de Sint-Romboutskathedraal, en vreesden ze voor de afbraak van een gemene scheidingsmuur.
Geen concrete rechtsregels
De Raad oordeelt dat het verzoekschrift niet voldoet aan de wettelijke ontvankelijkheidsvereisten. Een middel vereist immers een duidelijke omschrijving van de geschonden rechtsregels of rechtsbeginselen en van de wijze waarop het bestuur die volgens de verzoekers heeft geschonden.
De stelling dat de bemaling riskant, onverantwoord of overbodig zou zijn, bestempelt de bestuursrechter als loutere opportuniteitskritiek. Het toezicht van de Raad is beperkt tot de wettigheid en strekt zich niet uit tot een eigen beoordeling van de wenselijkheid van het project.
Bovendien valt mogelijke schade aan naburige eigendommen onder het burgerlijk recht en raakt dit de wettigheid van de meldingsakte niet. Ook eventuele handhaving rond onvergunde constructies staat los van de aktename van de gemelde bronbemaling.
De uitspraak herinnert procespartijen eraan dat een vernietigingsberoep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen niet kan dienen om loutere feitelijke bezorgdheden of burgerrechtelijke burenhinder aan te kaarten zonder concrete koppeling aan toepasselijke rechtsregels.
Dit artikel is gegenereerd met behulp van kunstmatige intelligentie, op basis van het originele brondocument: RvVb 1 oktober 2026, nr. RvVb-2627-0092. (opent in nieuw tabblad) Lees meer over hoe we bij Ex Ante werken met kunstmatige intelligentie.