VreemdelingenrechtVerwijdering & inreisverbod

Meerderjarigheid verbreekt gezinsband jongvolwassene niet automatisch, oordeelt RvV

Een achttienjarige asielzoekster die met haar moeder en broers in een opvangcentrum verblijft, mocht niet louter wegens haar leeftijd als alleenstaande worden uitgewezen.

A green directional sign pointing to council offices, health centre, police station, and law courts

Foto: Peter Wilkinson (opent in nieuw tabblad) op Unsplash (opent in nieuw tabblad)

Korte samenvatting

De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen vernietigt een bevel om het grondgebied te verlaten dat werd opgelegd aan een pas meerderjarige vrouw. De Dienst Vreemdelingenzaken oordeelde dat zij door haar meerderjarigheid niet langer deel uitmaakte van de gezinskern van haar moeder en broers, bij gebrek aan een bijzondere afhankelijkheid. Volgens de Raad miskent die visie de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens over jongvolwassenen. Omdat de vrouw steeds bij haar familie in een opvangcentrum bleef wonen en geen eigen zelfstandig leven leidde, had de overheid haar gezinsleven zorgvuldig moeten onderzoeken.

Bron: RvV 31 augustus 2026, nr. 352.113. (opent in nieuw tabblad)

De Dienst Vreemdelingenzaken mag een net meerderjarig geworden asielzoeker niet louter wegens haar leeftijd loskoppelen van haar gezin. De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) vernietigt het uitwijzingsbevel tegen een achttienjarige vrouw die nog altijd samenwoonde met haar moeder en broers in een opvangcentrum.

De vrouw diende als minderjarige samen met haar moeder en broers een asielaanvraag in. Nadat zij achttien werd, wees de bevoegde overheid haar verzoek om internationale bescherming definitief af. Daarop volgde op 7 mei 2026 een bevel om het grondgebied te verlaten.

De Dienst Vreemdelingenzaken argumenteerde dat de vrouw meerderjarig was en dat er tussen volwassenen geen gezinsleven wordt vermoed. Volgens de overheid toonde zij geen uitzonderlijke afhankelijkheid aan die de normale affectieve banden overstijgt, waardoor haar familieleden in Belgiƫ niet tot haar gezinskern zouden behoren.

Bescherming voor jongvolwassenen

De RvV verwerpt die redenering en verwijst naar de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Bij jongvolwassenen die nog geen eigen gezin hebben gesticht, geldt de strikte eis van bijkomende afhankelijkheid niet wanneer er sprake is van hechte en effectief beleefde familiebanden.

Uit het administratief dossier bleek dat de vrouw steeds met haar moeder en broers had samengeleefd en met hen in hetzelfde opvangcentrum van het Rode Kruis verbleef. Er waren geen elementen dat zij al een zelfstandig bestaan had opgebouwd. Door enkel te kijken naar haar meerderjarigheid schoot het onderzoek van de overheid tekort en werd het zorgvuldigheidsbeginsel geschonden.

De uitspraak herinnert de vreemdelingenadministratie eraan dat het bereiken van de meerderjarigheid niet volstaat om het gezinsleven van een jongere weg te cijferen. Zolang een jongvolwassene aantoonbaar deel uitmaakt van het oorspronkelijke gezin, moet de overheid die banden volwaardig meewegen bij een verwijderingsbeslissing.

Dit artikel is gegenereerd met behulp van kunstmatige intelligentie, op basis van het originele brondocument: RvV 31 augustus 2026, nr. 352.113. (opent in nieuw tabblad) Lees meer over hoe we bij Ex Ante werken met kunstmatige intelligentie.