Celstraf motiveren hoeft niet voor alternatieven zonder instemming, oordeelt Hof van Cassatie

Een beklaagde die tot een jaar effectieve celstraf werd veroordeeld, ving bot bij het Hof van Cassatie. De rechter hoefde alternatieven zoals een enkelband niet te motiveren omdat de man er niet vooraf mee had ingestemd.

woman in black pants and white and brown shoes sitting on black and red couch

Foto: MedicAlert UK (opent in nieuw tabblad) op Unsplash (opent in nieuw tabblad)

Korte samenvatting

Het Hof van Cassatie heeft geoordeeld dat een strafrechter niet verplicht is te motiveren waarom een effectieve gevangenisstraf niet kan worden uitgevoerd via elektronisch toezicht of een autonome probatiestraf, wanneer de beklaagde niet uitdrukkelijk heeft ingestemd met die modaliteiten. De motiveringsplicht geldt enkel indien aan alle wettelijke voorwaarden is voldaan. Daarnaast oordeelde het Hof dat een rechter herhaling mag vaststellen op basis van een stuk uit het strafdossier dat niet in de dagvaarding stond vermeld, zonder voorafgaande waarschuwing over een herkwalificatie.

Bron: Cass. 14 oktober 2026, nr. P.26.0455.F. (opent in nieuw tabblad)

Wanneer een strafrechter een effectieve celstraf oplegt, moet hij verantwoorden waarom alternatieve straffen niet volstaan, maar die plicht vervalt als de beklaagde zelf geen instemming gaf voor die alternatieven. Dat bevestigt het Hof van Cassatie in een arrest van 14 oktober 2026 over een beklaagde die tot een jaar gevangenisstraf werd veroordeeld.

De beklaagde werd door de Franstalige correctionele rechtbank te Brussel in hoger beroep veroordeeld tot een effectieve gevangenisstraf van een jaar. Hij voerde voor het Hof van Cassatie aan dat de appelrechter niet had gemotiveerd waarom die straf niet kon worden vervangen door elektronisch toezicht of een autonome probatiestraf.

Volgens het vroegere Strafwetboek moet een strafrechter die een effectieve gevangenisstraf tussen zes maanden en drie jaar oplegt, inderdaad motiveren waarom een werkstraf, elektronisch toezicht of probatie niet volstaan. Die motiveringsplicht geldt echter alleen wanneer aan alle wettelijke voorwaarden voor die alternatieve straffen is voldaan.

Geen uitdrukkelijke instemming

Voor zowel elektronisch toezicht als een autonome probatiestraf eist de wet dat de beklaagde persoonlijk of via zijn raadsman instemt met de maatregel. Uit het dossier bleek dat de man ter zitting uitsluitend om een werkstraf had verzocht en geen toestemming had gegeven voor de andere modaliteiten.

Omdat die wettelijke instemming ontbrak, hoefde de rechter het afwijzen van elektronisch toezicht of probatie volgens het Hof van Cassatie niet nader te verantwoorden. De motiveringsplicht strekt zich immers niet uit tot straffen waaraan de beklaagde zelf niet vooraf heeft meegewerkt.

Het Hof boog zich ook over een tweede grief rond herhaling bij het ontbreken van een geldig keuringsbewijs. De dagvaarding verwees naar een verkeerde vonnisdatum, maar de rechtbank baseerde de herhaling op een ander politievonnis van 25 juni 2024 dat wel correct in het dossier zat.

Volgens het Hof van Cassatie is wettelijke herhaling geen verzwarende omstandigheid, maar een staat die de rechter zelfstandig kan vaststellen. Zolang het bewijsstuk in het strafdossier zit en de verdediging er inzage in had, schendt een dergelijke rechtzetting de rechten van de verdediging niet.

Strafpleiters die bij een dreigende gevangenisstraf mikken op alternatieve straffen, moeten erover waken dat hun cliënt voor alle denkbare modaliteiten uitdrukkelijk zijn instemming akteert. Zonder die toestemming hoeft de strafrechter het overslaan van een enkelband of probatie niet te motiveren.

Dit artikel is gegenereerd met behulp van kunstmatige intelligentie, op basis van het originele brondocument: Cass. 14 oktober 2026, nr. P.26.0455.F. (opent in nieuw tabblad) Lees meer over hoe we bij Ex Ante werken met kunstmatige intelligentie.