Bestuurder met autobrouwerijsyndroom krijgt geen herziening van eerdere veroordeling
Een ambulancier die later werd vrijgesproken wegens het zeldzame autobrouwerijsyndroom, kan zijn eerdere veroordeling uit 2019 niet laten herzien. Het Hof van Cassatie oordeelt dat hij niet bewijst dat de aandoening toen onmogelijk ontdekt kon worden.
Foto: Thanh Ly (opent in nieuw tabblad) op Unsplash (opent in nieuw tabblad)
Korte samenvatting
Het Hof van Cassatie heeft het verzoek tot herziening afgewezen van een bestuurder die in 2019 onherroepelijk werd veroordeeld voor rijden onder invloed. Hoewel artsen later vaststelden dat hij lijdt aan het zeldzame autobrouwerijsyndroom – waardoor zijn lichaam zelf alcohol aanmaakt – en hij voor latere feiten werd vrijgesproken wegens overmacht, levert dit geen herzieningsgrond op. Volgens het Hof ontbreekt het bewijs dat de aandoening destijds volgens de medische stand van de wetenschap onmogelijk vastgesteld kon worden, waardoor de veroordeling definitief blijft.
Bron: Cass. 13 oktober 2026, nr. 26/CAS/0305. (opent in nieuw tabblad)
Wie na een definitieve veroordeling te horen krijgt aan een medische aandoening te lijden die alcohol aanmaakt in het lichaam, krijgt niet zomaar een nieuw proces. Het Hof van Cassatie oordeelde dat een ambulancier zijn eerdere veroordeling wegens alcoholintoxicatie niet kan laten herzien, ondanks een latere vrijspraak wegens het autobrouwerijsyndroom.
De man werd in december 2017 tegengehouden met 0,50 milligram alcohol per liter uitgeademde lucht achter het stuur van een ziekenwagen. Hij hield vol dat hij nauwelijks gedronken had en liet toen al een toxicologisch onderzoek uitvoeren naar eventuele interacties met medicatie of ontsmettingsalcohol, maar dat leverde geen verklaring op. De correctionele rechtbank veroordeelde hem in april 2019 definitief tot een geldboete en een gedeeltelijk rijverbod.
Toen hij in het voorjaar van 2022 opnieuw tweemaal positief blies, bracht doorgedreven medisch onderzoek alsnog aan het licht dat hij lijdt aan het zeldzame autobrouwerijsyndroom. Bij die aandoening zetten bacteriën en schimmels in het spijsverteringsstelsel koolhydraten massaal om in alcohol. De politierechtbank sprak hem voor die latere feiten in april 2024 vrij wegens overmacht, omdat zijn vrije wil volledig was uitgeschakeld.
Onbekend maar niet onmogelijk
Gewapend met die diagnose en de latere vrijspraak stapte de veroordeelde naar het Hof van Cassatie om zijn oorspronkelijke veroordeling uit 2019 te laten herzien. Volgens artikel 443 van het Wetboek van Strafvordering kan een definitief vonnis worden herzien als een nieuw gegeven ernstige twijfel zaait over de schuld van de betrokkene.
Het Hof stelt echter vast dat de wet een strikte bijkomende voorwaarde stelt: de veroordeelde moet aantonen dat hij dat gegeven destijds tijdens het oorspronkelijke geding onmogelijk kon aanbrengen. De man toonde niet aan dat de diagnose het gevolg was van een recent gewijzigd wetenschappelijk inzicht, noch dat de medische wetenschap in 2018 of 2019 niet in staat was om het syndroom bij hem vast te stellen. De latere ontdekking volstaat daarom niet.
Het arrest benadrukt hoe hoog de wettelijke drempel ligt om een onherroepelijke strafrechtelijke veroordeling open te breken. Wie zich achteraf op een nieuwe medische diagnose beroept om alsnog de vrijspraak te bekomen, moet hardmaken dat die aandoening indertijd naar de toenmalige stand van de wetenschap onmogelijk kon worden ontdekt.
Dit artikel is gegenereerd met behulp van kunstmatige intelligentie, op basis van het originele brondocument: Cass. 13 oktober 2026, nr. 26/CAS/0305. (opent in nieuw tabblad) Lees meer over hoe we bij Ex Ante werken met kunstmatige intelligentie.