VreemdelingenrechtVasthoudingAsiel

Asielzoeker die openbare orde bedreigt mag worden vastgehouden ondanks verwijderingsbeletsel

Een asielzoeker mag tijdens zijn procedure worden vastgehouden als hij de openbare orde bedreigt. Dat kan ook wanneer een eerdere niet-verwijderbaarheidsclausule een effectieve uitwijzing nog belemmert.

Passkontrolle Passport control signage

Foto: Daniel Schludi (opent in nieuw tabblad) op Unsplash (opent in nieuw tabblad)

Korte samenvatting

Het Hof van Cassatie heeft een arrest vernietigd dat de onmiddellijke vrijlating beval van een meervoudig veroordeelde vreemdeling. Volgens het hof van beroep Antwerpen kon de betrokkene niet worden vastgehouden omdat het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen eerder had geoordeeld dat hij wegens het folterverbod niet naar zijn herkomstland mag worden teruggestuurd. Het Hof van Cassatie verduidelijkt dat vasthouding wegens gevaar voor de openbare orde tijdens een lopende asielprocedure losstaat van de vraag of een gedwongen uitwijzing op dat precieze ogenblik al mogelijk is.

Bron: Cass. 13 oktober 2026, nr. 26/CAS/0536. (opent in nieuw tabblad)

Mag de overheid een asielzoeker met zware strafrechtelijke veroordelingen opsluiten in een gesloten centrum zolang zijn nieuwe asielaanvraag loopt, ook al oordeelde het asielagentschap eerder dat hij niet mag worden teruggestuurd? Het Hof van Cassatie oordeelt van wel. De administratieve vasthouding ter bescherming van de openbare orde vereist niet dat de Dienst Vreemdelingenzaken de betrokkene onmiddellijk kan uitwijzen.

De zaak draait om een man wiens vluchtelingenstatus in april 2017 werd ingetrokken na strafrechtelijke veroordelingen. Tegelijk formuleerde het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS) toen een advies dat hem beschermde tegen gedwongen uitwijzing, omdat dit in strijd zou zijn met het beginsel van non-refoulement.

Na nieuwe strafrechtelijke veroordelingen diende de betrokkene in april 2026 vanuit de gevangenis een nieuw verzoek om internationale bescherming in. In juni besloot de Dienst Vreemdelingenzaken om hem aansluitend administratief vast te houden in een gesloten centrum, omdat hij een bedreiging vormde voor de openbare orde.

De kamer van inbeschuldigingstelling van het hof van beroep Antwerpen beval in augustus 2026 echter zijn onmiddellijke invrijheidstelling. Volgens het Antwerpse hof belette de nog actuele clausule van niet-verwijderbaarheid een daadwerkelijke uitwijzing, waardoor ook de vasthouding niet langer wettig zou zijn.

Los van uitwijzing

Het Hof van Cassatie fluit die redenering nu terug op vraag van de Belgische Staat. De Vreemdelingenwet staat uitdrukkelijk toe dat een asielzoeker wordt vastgehouden wanneer de bescherming van de nationale veiligheid of de openbare orde dat vereist.

Volgens het hoogste rechtscollege verhinderen die bepalingen niet dat de bevoegde minister een vrijheidsbenemende maatregel neemt terwijl het verzoek nog aanhangig is bij het CGVS, zelfs al kan de vreemdeling op dat ogenblik nog niet worden verwijderd. Een eerder negatief advies over uitwijzing doet aan die wettelijke grondslag voor bewaring geen afbreuk.

Door dit arrest staat vast dat de Dienst Vreemdelingenzaken vreemdelingen die een gevaar vormen voor de openbare orde mag opsluiten tijdens de behandeling van hun asielaanvraag, ongeacht eerdere beschermingsclausules tegen uitwijzing. Vreemdelingenrechters mogen de wettigheid van zo'n bewarende maatregel niet afhankelijk maken van de vraag of een repatriƫring op de korte termijn uitvoerbaar is.

Dit artikel is gegenereerd met behulp van kunstmatige intelligentie, op basis van het originele brondocument: Cass. 13 oktober 2026, nr. 26/CAS/0536. (opent in nieuw tabblad) Lees meer over hoe we bij Ex Ante werken met kunstmatige intelligentie.